Eigen bijdrage chronisch zieke omlaag

De zorgkosten gaan in 2017  omlaag voor ongeveer 290.000 huishoudens met een chronisch zieke. Het kabinet trekt 50 miljoen euro uit om de eigen bijdrage voor zorg en ondersteuning die via de gemeenten wordt verleend, te verlagen.

fp-nieuws-100x100Bij de gemeenten kunnen mensen bijvoorbeeld terecht voor huishoudelijke hulp, dagbesteding, begeleiding of de aanpassing van hun huis. Vooral alleenverdieners met een chronisch zieke partner gaan erop vooruit. Gemiddeld houden zij 1400 euro per jaar meer over dan nu.

Financiën

Dat maakte staatssecretaris Martin van Rijn (Volksgezondheid) op 20 september bekend. “Het is mooi dat we voor kwetsbare mensen die zorg nodig hebben en hun partners heel gericht iets kunnen doen om hun zorgkosten te verlagen nu het beter gaat met Nederland’’, aldus Van Rijn. Ook ouderen zullen minder geld kwijt zijn aan eigen bijdragen. Een alleenstaande oudere met AOW is nu per jaar hooguit 252 euro kwijt aan eigen bijdragen. Vanaf volgend jaar betaalt diezelfde oudere maximaal 227 euro.

Basispremie gelijk

Dinsdag werd eveneens duidelijk dat de basispremie voor de zorgverzekering volgend jaar nauwelijks stijgt. Het ministerie verwacht dat de premie per maand 3,50 euro omhoog gaat tot 103 euro per maand. Dat is bijna evenveel als in 2012, maar minister Edith Schippers wijst er wel op dat mensen daarvoor meer en betere zorg kunnen krijgen.

Zo zijn er nu nieuwe behandelingen en medicijnen in het pakket opgenomen, bijvoorbeeld medicijnen tegen kanker en fysiotherapie bij etalagebenen. De zorgverzekeraars bepalen later hun tarieven.

Bron: Skipr

Advertenties

Zorgkosten in vijf jaar verdubbeld

De zorgkosten zijn in vijf jaar verdubbeld voor mensen die veel zorg nodig hebben. Een echtpaar met een modaal inkomen waarvan een partner chronisch ziek is, betaalde in 2011 ruim drieduizend euro aan zorg en in 2016 ruim zevenduizend euro.

nieuws-160921-zorgkosten_in_vijf_jaar_verdubbeldMensen met een zware zorgvraag hebben veel verschillende vormen van zorg nodig. Dat loopt van medische zorg, medicijnen en hulpmiddelen tot aan allerlei vormen van ondersteuning die vaak door de gemeente worden verzorgd.

Zoals huishoudelijke hulp of een woningaanpassing. Voor al deze vormen van zorg zijn mensen met een zware zorgvraag de afgelopen jaren méér gaan betalen. Daar komt nog bij dat de financiële tegemoetkomingen die ze kregen, grotendeels zijn wegbezuinigd. Dit blijkt uit onderzoek van het Nibud in opdracht Ieder(in).

De financiële gevolgen zijn enorm:

  • Voor een alleenstaande met een netto-inkomen van 14 duizend per jaar stegen de zorgkosten van 1295 euro in 2011 naar 2.673 euro in 2016;
  • Voor een alleenstaande met een modaal inkomen van 25.700 stegen de zorgkosten van 2.974 naar 5.708 euro;
  • Voor een paar met een netto-inkomen van 19 duizend per jaar stegen de zorgkosten van 2.133 naar 4.532;
  • Voor een paar met een modaal inkomen van 27.250 stegen de zorgkosten van 3.234 naar 7.364

Onacceptabel

Illya Soffer, directeur van Ieder(in), noemt deze stijging volstrekt onacceptabel. “Voor de doorsnee burger vinden we een eigen risico van 385 euro al te hoog. Maar ondertussen kunnen de zorgkosten van mensen met een zware beperking oplopen tot wel drie maandsalarissen. Dat is van de gekke. Het is hoog nodig dat er een maximum komt voor wat mensen in totaal aan zorg moeten betalen.”

Verder kunnen gemeenten veel doen om de zorgkosten voor deze groep te verminderen. Soffer: “Veel ondersteuning wordt door de gemeente geleverd. Het zou al veel verschil maken als gemeenten minder hoge eigen bijdragen zouden vragen voor bijvoorbeeld woningaanpassing, huishoudelijke hulp of dagbesteding en vaker financieel zouden bijspringen voor mensen die in de knel komen.
Gemeenten hebben hiervoor allerlei instrumenten maar er zijn maar weinig gemeenten die daar gebruik van maken.”

Een Vandaag

Een Vandaag besteedde afgelopen zaterdag om 18.15 uitgebreid aandacht aan het onderzoek, met mensen die door de stapeling worden getroffen, directeur Illya Soffer van Ieder(in) en reacties van politici.

Vijf jaar geleden vond in Den Haag de grote manifestatie Stop de Stapeling plaats. Toen hebben veel politici laten weten dat de stapeling van zorgkosten voor mensen met een beperking en chronisch zieken de spuigaten uitliep en nodig moest stoppen.

Bron: Ieder(in)

Bewaren

Fampridine verbetert niet alleen looptest

Italiaanse onderzoekers hebben aangetoond dat 4-aminopyridine of Fampridine niet alleen de loopsnelheid van MS-patiënten verbetert, maar dat er ook neurofysiologische en radiologische effecten te zien zijn.

De onderzoekers pleiten ervoor om niet alleen met een looptest te beoordelen of dit medicijn effect heeft, maar om meerdere parameters te bekijken.

Fampridine of 4-aminopyridine (4-AP)  is een medicijn dat kalium-kanalen blokkeert, waardoor de zenuwgeleiding in zenuwen waarvan de myeline is aangetast verbetert. De loopsnelheid bij mensen met MS kan hierdoor worden verbeterd.

Om te beoordelen of de medicatie werkt, wordt meestal alleen gekeken of de loopsnelheid tijdens een korte looptest verbetert. Als iemand 20% verbetering laat zien qua loopsnelheid, wordt aangenomen dat deze persoon positief reageert op de behandeling (een ‘responder’). In verschillende onderzoeken was 40% van de patiënten een ‘responder’.

Italiaanse onderzoekers keken nu niet alleen naar de loopsnelheid, maar juist naar een heel scala van uitkomsten, om zo beter te kunnen begrijpen hoe 4-AP werkt en wie er goed reageert op het medicijn. Ze onderzochten klinische, subjectieve, neurofysiologische en neuroradiologische parameters. 23 mensen met MS (RR-, SP- en PP-MS met een EDSS-score tussen de 4 en 6.5) deden mee aan het onderzoek.

Voor aanvang en na 14 dagen gebruik van 4-AP (2 maal daags 10mg) zijn de volgende parameters gemeten:

  • Klinisch: Timed 25-Foot Walk: Een test die de loopsnelheid meet over een parcours van 25 feet (7,62 meter) en de Timed Up-And-Go test: Dit is een mobiliteitstest waarbij de snelheid van opstaan, stukje lopen, omkeren en weer gaan zitten gemeten wordt.
  • Subjectief: MS Walking Scale-12: een vragenlijst waarbij de patiënt zelf aangeeft hoe het lopen de afgelopen tijd ging.
  • Neurofysiologisch: Motor Evoked Potentials (MEPs:) Het meten van de reactie van een spier; in dit geval van een voetspier (de Abductor Hallucis; deze spier beweegt de grote teen naar buiten)
  • Neuroradiologisch: (Diffusion Tensor Imaging – DTI): een variant van MRI waarbij de witte stof banen in beeld worden gebracht.

Voor de hele onderzoeksgroep tezamen vonden de onderzoekers significante verbeteringen op alle gemeten parameters. Daarna analyseerden ze de ‘responders’ (minstens 20% verbetering op de Timed 25-Foot Walk) en ‘non-responders’ (minder dan 20% verbetering) apart.

Opvallend genoeg vertoonden zowel de responders als de non-responders een significante verbetering op de klinische en subjectieve items. De neurofysiologische en neuroradiologische parameters waren alleen significant verbeterd bij de responders.

De onderzoekers tonen hiermee aan dat ook neurofysiologische en neuroradiologische parameters kunnen verbeteren door middel van 4-AP. De meeste patiënten geven zelf ook aan dat zij een motorische verbetering merken. De onderzoekers pleiten dan ook voor het gebruik van meerdere, verschillende parameters, naast het meten van de loopsnelheid, om zo de werking van 4-AP bij mensen met MS beter te kunnen beoordelen.

Bron: Brambilla L, Rossi Sebastiano D, Aquino D, Torri Clerici V, Brenna G, Moscatelli M, Frangiamore R, Giovannetti AM, Antozzi C, Mantegazza R, Franceschetti S, Bruzzone MG, Erbetta A, Confalonieri P; Milan, Italy. Journal of the Neurological Sciences 368 (2016) 402-407

Samenvatting: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/27538672

Bron: MSweb

Bewaren